Koeien houden voor eigen vlees: hoeveel grond heb je nodig en wat kost het?

Koeien houden voor eigen vlees: hoeveel grond heb je nodig en wat kost het?

Zelf runderen houden voor ons vlees was één van de stappen die we wilden zetten om steeds beter te weten waar ons eten vandaan komt.

We begonnen met Bibi, die als kalf van ongeveer twee weken oud bij ons kwam. Later kochten we Lizzy, een volwassen koe van ongeveer twee jaar oud, samen met haar kalf Jana. Het plan met Lizzy was eigenlijk gen vlees. We kochten haar om te melken. Maar soms lopen die dingen anders dan gepland. 

Inmiddels hebben we wel ons eerste volledige traject doorlopen. We hebben twee runderen grootgebracht, naar de slacht gebracht en uiteindelijk ruim 300 kilo rundvlees in onze vriezers gelegd.

En juist nu kunnen we terugkijken.

Wat heeft het gekost? Hoeveel grond hadden we nodig? Waar liepen we tegenaan? En wat willen we een volgende keer anders doen?

Aan de hand van mijn reel op instagram (@miniranchmounties), waar ik deelde wat we terug kregen van de slager, kreeg ik veel vragen. Ik ben een mini serie begonnen om die vragen te beantwoorden. 
En in deze blog wil ik hier dieper op in gaan. Breder onze situatie erbij uitleggen en ook de punten eruit halen waar we willen verbeteren. Zodat jij daar iets uit kan halen voor jouw situatie. 

Wat kost het om zelf koeien te houden voor vlees?

Toen we alle directe kosten van onze eerste twee runderen bij elkaar optelden, kwamen we uit op ongeveer €6.000.

Daarbij rekenen we onze eigen uren, grond, stal, afrastering, water, elektriciteit en andere vaste kosten niet mee.

Voor Lizzy kwamen we vóór de slacht op ongeveer €3.024:

  • aanschaf toegerekend aan Lizzy: €1.750

  • hoefsmid: €100

  • dierenarts: €214

  • aanvullend biologisch voer: €250

  • hooi: €710

Voor Bibi kwamen we vóór de slacht op ongeveer €1.630:

  • aanschaf kalf: €350

  • melkpoeder: €195

  • onthoornen: €145

  • aanvullend biologisch voer: €175

  • hooi: €765

Voor het slachten, uitsnijden en vacuüm verpakken van beide runderen betaalden we samen ongeveer €1.265.

Totaal: €5.919, oftewel afgerond zo'n €6.000.

Daarvoor kregen we uiteindelijk ruim 300 kilo vlees terug.

Is dit aan de lage kant voor twee koeien? ja. Als je het vergelijkt met twee afgemeste koeien wel. 
Lizzy gaf teveel van zichzelf aan haar kalf van 7 maanden en was dus aan de magere kant. Ook geen volledige vleeskoe, maar een dubbeldoel koe.
Bibi was nog geen twee jaar. Dus nog iets aan de kleine kant. Laat je ze uitgroeien tot 2/2,5 jaar krijg je er meer vlees uit. Hoe je ze voert, maakt hier ook verschil in. 

Maar voor nu liggen onze twee vriezers volledig vol. En hier zijn we heel dankbaar voor. 

Waar kunnen we dan besparen?

Hooi was met ongeveer €1.475 een flinke kostenpost. Maar nog groter was de aanschaf van de dieren zelf.

En juist daar ontstond een deel van ons plan voor de toekomst.

Wij willen uiteindelijk graag twee moederkoeien houden. Zodat we ieder jaar twee kalveren krijgen die we samen laten opgroeien voor het vlees. De moeders gebruiken we dan ook om te melken. 

En als dat lukt, hoeven we niet ieder jaar opnieuw dieren aan te kopen.

Dus wel eenmalig aanschaf kosten voor de moederkoeien, maar daarna zelf fokken. Hier zitten veel lagere kosten aan. Insemineren is bijvoorbeeld een paar tientjes. 

Maar ook de hoeveelheid ingekocht voer zette ons aan het denken.

Niet: hoe kunnen we minder voeren?

Maar:

hoe kunnen we meer van dat voer zelf produceren?

En daarmee kwamen we automatisch bij onze grond terecht.

Hoeveel grond heb je nodig voor een paar koeien?

Hier is geen simpel antwoord op.

Want er zit een groot verschil tussen voldoende grond om runderen te houden en voldoende grond om hun voer te produceren.

Afgelopen zomer liepen Bibi en Lizzy, samen met Lizzy haar jonge kalf Jana, een groot deel van de zomer op ongeveer 2.500 tot 3.000 m².

Kun je daarop een paar runderen houden?

In onze situatie: ja.

Kan diezelfde oppervlakte ze ook volledig voeden?

Bij ons niet.

De zomer was extreem droog en daardoor moesten we al vroeg hooi bijvoeren. Maar ook zonder die droogte hadden we moeten bijvoeren.

En ruimte om daarnaast ook nog voldoende hooi voor de winter te maken, heb je op zo'n oppervlakte natuurlijk niet.

Hoeveel grond je hebt is niet het hele verhaal

Eigenlijk hadden wij meer gras beschikbaar.

Ons eigen perceel is ongeveer 8.200 m², waarvan ongeveer 3.500 m² grasland. Daarnaast konden we gebruikmaken van ongeveer 5.000 tot 6.000 m² op een ander perceel.

Maar beschikbare grond is niet automatisch bruikbare graasruimte.

Bibi besloot namelijk op een gegeven moment dat stroomdraad vooral een suggestie was. 😉

Daardoor konden we onze runderen niet meer goed over alle stukken laten roteren.

En juist daarvan hebben we veel geleerd.

Als dieren lang op hetzelfde stuk blijven lopen, krijgt het gras weinig tijd om te herstellen. Kun je verschillende stukken afwisselen, dan kan een afgegraasde wei eerst weer groeien voordat de dieren terugkomen.

Niet alleen hoeveel grond je hebt telt dus mee, maar ook hoe efficiënt je die kunt gebruiken.

Is 5.000 m² of 1 hectare dan genoeg?

Met 5.000 tot 6.000 m² goed bruikbaar grasland krijg je al veel meer mogelijkheden om te roteren en je gras tussendoor te laten herstellen.

Ga je richting 1 hectare, dan ontstaat er voor een paar runderen nog meer ruimte om langer te weiden, het gras tussendoor te laten herstellen en het ook niet al te kaal de winter in te laten gaan. 

Maar ook dat zijn geen magische getallen.

Bodem, weer, grasgroei, aantal en formaat van de dieren en je manier van beweiden maken allemaal verschil.

En vooral je doel.

Wil je graag een paar runderen houden en vind je het prima om voer in te kopen? Dan kun je met minder grond toe. 
Dit is nog steeds een super mooie manier om vlees van eigen land te krijgen en precies te weten waar je eten vandaan komt en wat het gegeten heeft. 

Wil je juist zoveel mogelijk van hun voer zelf produceren? Dan wordt meer grond belangrijker.
Hierdoor ga je meer richting zelfvoorzienend en kun je hooi kosten drukken. 

Wat als je minder grond hebt?

Minder grond betekent dus niet automatisch dat zelf runderen houden onmogelijk is.

Je kunt bijvoorbeeld meer hooi of aanvullend voer inkopen, extra grasland huren, kiezen voor een kleiner en soberder rund of je beschikbare grond beter opdelen en intensiever roteren.

Waarschijnlijk wordt het uiteindelijk een combinatie van meerdere keuzes.

En dat is misschien wel belangrijker dan zoeken naar één antwoord op de vraag:

“Hoeveel hectare heb ik nodig voor twee koeien?”

De betere vraag is:

“Hoeveel van het voer voor mijn koeien wil ik zelf kunnen produceren?”

Daarom gaan wij het de volgende ronde anders doen

Onze eerste twee runderen hebben ons vooral geholpen om scherper te krijgen wat we eigenlijk willen.

We willen vlees voor ons gezin, maar ook graag een normale hoeveelheid koeienmelk voor bijvoorbeeld yoghurt en boter.

We willen onze grond efficiënter benutten en minder afhankelijk zijn van aangekocht voer.

En we willen een systeem dat past bij de hoeveelheid grond die we hebben.

Daarom kijken we voor onze volgende ronde naar kleinere, soberdere dubbeldoelrunderen en zijn we uiteindelijk bij Dexters uitgekomen.

Niet omdat de runderen waarmee we begonnen niet bevielen.

Maar omdat we door het gewoon te dóén steeds beter ontdekken welke eigenschappen bij onze situatie passen.

Onze hoop is dat kleinere runderen minder voer nodig hebben, minder druk op de bodem geven en daardoor beter passen binnen het systeem dat we proberen op te bouwen.

Of dat werkelijk zo uitpakt, moeten we nog ontdekken.

Meer grond én anders omgaan met die grond

Tegelijkertijd krijgen we ongeveer 5.000 tot 6.000 m² extra grasland tot onze beschikking.

Daarmee komen we straks richting 1,5 hectare grasland.

Maar alleen meer grond hebben is voor ons niet voldoende.

We willen het juist beter gaan opdelen, zodat we daadwerkelijk kunnen roteren.

Een stuk begrazen, de dieren verplaatsen en het gras vervolgens rust geven om opnieuw te groeien.

Onze hoop is dat we daardoor meer gras van ons land kunnen halen en het weideseizoen kunnen verlengen.

En lukt dat niet voldoende, dan kunnen we misschien een gedeelte gebruiken om zelf hooi te winnen.

Ons eerste doel?

Van ongeveer zes maanden hooi inkopen richting ongeveer drie maanden.

Of dat haalbaar is, weten we nog niet. Maar dat is precies wat we willen gaan uitproberen.

Wat zou dat met onze €6.000 kunnen doen?

Daar wordt het natuurlijk interessant.

Onze eerste ronde kostte ongeveer €5.919 aan directe kosten.

In een toekomstig systeem hopen we een aantal van die kosten te verminderen.

Als we onze eigen kalveren fokken, vervallen de ongeveer €2.100 aan aanschafkosten uit onze eerste ronde.

Drinken de kalveren bij hun moeder, dan vervalt ook de ongeveer €195 aan melkpoeder die we voor Bibi gebruikten.

En als onze toekomstige dieren het goed doen op gras en hooi zonder aanvullend voer, kan ook de ongeveer €425 aan aanvullend biologisch voer uit deze vergelijking verdwijnen.

Puur als rekensom:

€5.919 - €2.100 - €195 - €425 = ongeveer €3.199.

En daar zit de volledige oorspronkelijke hooipost nog in.

Juist daarop hopen we vervolgens óók verschil te maken door meer eigen gras te gebruiken, beter te roteren en minder maanden hooi in te kopen.

Ik ga daar nu bewust geen nieuw eindbedrag aan hangen.

De moederkoeien moeten natuurlijk ook eten en verzorgd worden, grasland onderhouden kost geld en een slecht groeiseizoen kan onze plannen behoorlijk veranderen.

Het gaat mij daarom vooral om wat deze rekensom laat zien:

de keuzes die je maakt voor je dieren, grond en voersysteem hebben uiteindelijk veel invloed op wat jouw eigen vlees werkelijk kost.

En krijgen we dan niet veel minder vlees?

Dat moeten we nog ontdekken.

Onze eerste twee runderen kwamen samen op 412 kilo geslacht gewicht en uiteindelijk kregen we ruim 300 kilo vlees terug.

Bibi was nog geen twee jaar oud en Lizzy was op het moment van slacht wat magerder dan we idealiter hadden gewild.

Onze toekomstige runderen worden kleiner. Mogelijk krijgen we daardoor per dier ook minder kilo's vlees terug.

Maar voor ons hoeft de hoogste opbrengst per dier niet automatisch het beste resultaat te zijn.

Als een kleiner dier minder voer vraagt, beter bij onze grond past en we daardoor een groter gedeelte van zijn voer zelf kunnen produceren, kan het totaalplaatje uiteindelijk juist gunstiger zijn.

En dát willen we de komende jaren gaan vergelijken.

Daarnaast verwachten we anderhalf jaar met die 300 kg te kunnen doen (En dan verkopen we ook nog een klein deel aan vrienden en familie). Mochten we dus lager uitkomen, is dat voor ons niet perse een probleem. Als we er een jaar mee kunnen doen, hebben we genoeg. 

Wat wij vooral geleerd hebben

Als onze eerste ronde ons iets heeft geleerd, is het dat er niet één juiste manier is om runderen voor eigen vlees te houden.

Wat voor jou werkt, hangt af van je grond, je gezin en vooral van wat je uiteindelijk wilt bereiken.

Wij begonnen gewoon en ontdekten onderweg steeds beter wat voor óns belangrijk is. Daardoor maken we de volgende ronde andere keuzes: meer grond, beter roteren, kleinere runderen en proberen meer voer zelf te produceren.

Niet omdat onze eerste keuzes verkeerd waren, maar omdat je door te doen ontdekt wat daadwerkelijk bij jouw situatie past.

Of onze nieuwe aanpak goedkoper wordt en hoeveel vlees het uiteindelijk oplevert?

Dat weten we nog niet.

Maar dat is precies wat we de komende jaren gaan ontdekken — en natuurlijk weer delen, van kalf tot slager. 🌱🐄

Ga je zelf richting de slager?

Heb je zelf een rund dat binnenkort naar de slager gaat? Dan komt er ineens nóg een hele lijst keuzes op je af. Welke stukken wil je terug? Hoeveel gehakt laat je maken? Wat doe je met botten, vet en orgaanvlees?

Na onze eerste twee runderen maakte ik daarom Van koe naar vriezer: een gratis praktische keuzehulp waarmee je stap voor stap je eigen uitsnijlijst voor de slager kunt maken.

Download gratis de keuzehulp ‘Van koe naar vriezer’